Loonse participatie blijft nog uitdagend (2)

De politiek is er voor de gemeenschap

In onze bijdrage van vorige week gingen wij in op het Loonseparticipatiemodel. Dat is een moeilijk woord voor het luisteren naar de eigen inwoners en het laten meedoen van die inwoners. Er zijn voorbeelden te over van dat inwoners zich niet voelen gehoord. Of het nu gaat om een groot project (de moeizame realisatie van het Loons dorpshuis), of het communiceren over het verloop van een renovatietraject (kwestie Van Immerseelstraat) of simpelweg het gericht beantwoorden van een vragenbrief van een inwoner over afvalinzameling. Onvolledige communicatie vloeit meestal voort uit onzekerheid. 

Participatie en communicatie.

Het is alweer 2 jaar geleden dat de Omgevingswet in werking is getreden. In deze wet staat centraal dat gemeenten en burgers met elkaar in overleg treden als het gaat om het vormgeven van de (fysieke) leefomgeving. Burgers dienen betrokken te worden bij het meedenken, meebepalen en dus meedoen aan het plannen van besluiten, die dezelfde burgers aangaan. Maar vorige week schreven wij ook dat de bewoners van de Van Immerseelstraat dat gevoel niet hadden. Het ging over de kap van de bomen in hun straat. Volgens de gemeente waren de bomen ziek. De aanwonenden hadden moeite gedaan om met een eigen rapport te komen. Het college was daarvoor niet gevoelig en hield vast aan een eigen bomenrapport. Einde participatie ?

Waar ligt de oplossing ?

De uitdaging in dit trajecten zit vooral in de wijze waarop de gemeente het contact aangaat met de eigen burgers en het moment waarop. Het is duidelijk gebleken dat onze inwoners het belangrijk vinden, dat zij door hun eigen gemeentebestuur actief willen worden betrokken bij ontwikkelingen in hun omgeving. Waar het absoluut misgaat in veel geanalyseerde participatiegesprekken is, dat de gemeente simpelweg niet lijkt te luisteren. Luisteren is namelijk het aanhoren van wat de burger zegt of bedoelt te zeggen, ook wanneer hun boodschap ongemakkelijk is. Het politieke besluit moet daarop aansluiten en begrijpelijk kunnen worden uitgelegd. De ambtenaren hebben hierin een belangrijke rol, maar ook de wethouder moet tot het besef komen dat de burgerlijke overtuiging soms meer hout snijdt dan de oorspronkelijke bestuurlijke doelen. Wij zijn er namelijk voor de burger. Het moet anders in Loon.

Fractie Toekomstig KLM,

Arno Coomans & Maikel van der Velden & Marten Krikken